Locatie: Home>Laatste Nieuws>In de pers>Columns Jan Schoonen


Botlek in de pers - columns Jan Schoonen


Hier staan de columns van Jan Schoonen die hij heeft geschreven over Botlek, Botlekkers of waarin Botlek een rol speelt.

Jan Schoonen schrijft wekelijks een column voor Voetbal Rotterdam.nl. Daarvoor schreef hij in Weekblad Spijkenisse een column (niet gepubliceerd hier). 



COLUMN JAN SCHOONEN: MICK LOENDERSLOOT (SC BOTLEK)

Ik heb hem in de voorbereiding zien verliezen van vierdeklasser DVV’09. Voor de beker heb ik hem uitgeschakeld zien worden door SCO’63, eveneens een vierdeklasser. En in de competitie gaat het ook al niet best met SC Botlek. Zelfs de gedoodverfde degradant Piershil, die elke week met hele grote cijfers verliest, kwam tegen de Spijkenisser derdeklasser op voorsprong. Nee, Mick Loendersloot en zijn makkers draaien bepaald geen rooskleurig seizoen. Zes punten uit acht wedstrijden; daar kraai je geen victorie om. Zaterdag moesten ze tegen Den Bommel dat met de broers Wesley en Johnno Bakker twee voetballers in huis heeft, waarvoor je speciaal naar het voetbal gaat. Ik in ieder geval wel.

Neem nou Johnno afgelopen zaterdag tegen SC Botlek. Omdat hij met zijn studie chemical engineering and process technology aan de TU in Eindhoven al jarenlang niet twee keer per week kan trainen in Den Bommel, is en blijft hij toch een speler die wedstrijden beslist. Na een half uur in de eerste helft passeert hij in de zestien drie man op een rij en schiet de bal onbedaarlijk hard in de korte hoek langs doelman Patrick de Zoete. Dat betekende de 0-1 en ook bij het tweede doelpunt van de bezoekers had hij een groot aandeel. Want hij was het die met een gehaaide steekbal Ruben Rui Dos Santos Fortes wegstuurde. De Kaapverdiaanse spits van Den Bommel behield het overzicht, legde af op de meegelopen Wesley Bakker en dat betekende 0-2. Wedstrijd gespeeld, zo dacht iedereen.

Want Mick Loendersloot en zijn medespelers speelden weliswaar een aardig potje mee, maar gevaarlijk waren ze nimmer. Het was pas vlak voor rust dat Mike Kortsmit als eerste Botlekker een kans kreeg. Van dichtbij knalde de nummer 9 op doelman Sonny Kievit, die goed in de weg ging liggen. En toch was Botlekaanvoerder Mick Loendersloot toen al nadrukkelijk aanwezig. Met de piepjonge, maar heel veel rust uitstralende Xavier Demmendaal naast zich in het hart van de defensie, was Mick de aanjager van de thuisploeg. Hij bepaalde de momenten waarop er gas gegeven moest worden, hij was de man die zijn ploegmaten aanzette om gezamenlijk te jagen op de bal en gaf vaak als eerste het voorbeeld. Ze kwamen er in de eerste helft niet aan te pas tegen het uitgenaste Den Bommel, maar je kon wel zien dat Mick Loendersloot, Jorn Berkelaar, Jermaine van Pijkeren, Mike Kortsmit en de na een blessure teruggekeerde Kevin Michilsen, de oudere spelers van SC Botlek ditmaal de kar wel trokken. Te vaak in dit seizoen was dat niet het geval geweest en dat hadden ze eerder vorige week in gesprekjes met hun trainer Arjan Vuik en diens assistent Hans Kros te horen gekregen. Hoe kunnen we er voor zorgen dat het beter gaat? Hoe kunnen we er voor zorgen dat jullie de kar gaan trekken? Want van de jonge gasten in de ploeg mag je dat nog niet verwachten. Het waren vragen die deze spelers voorgelegd kregen.

Of het nou door die gesprekken kwam of niet, in ieder geval straalden Mick Loendersloot en de andere oudere spelers zaterdag tegen Den Bommel wel iets onverzettelijks uit. In de eerste helft leverde dat nog niet veel op, maar na rust was alles ineens anders. Eerst knalde Lester van Kaam van buiten de zestien de 1-2 binnen, even later ging Jorn Berkelaar goed door en zorgde met een bekeken stiftje voor de gelijkmaker en toen had je ineens een echte wedstrijd. Door Botlek werd gestreden voor elke meter en nog altijd was Mick Loendersloot de animator van de ploeg. Opvallend was de positieve coaching van hem en van zijn makkers. Het zorgde voor een beleving, een inzet en een ijver die bij SC Botlek lang niet gezien was geweest. Van de gebroeders Bakker van Den Bommel vernamen we steeds minder, hoewel keeper Patrick de Zoete nog wel knap een inzet van Johnno van dichtbij pareerde. Van de Botlekkers viel des te meer te genieten. Hoe langer de wedstrijd duurde, hoe leuker ze gingen voetballen. Het uitverdedigen lukte steeds beter, iedereen werkte zich drie slagen in de rondte, Mick Loendersloot glom steeds harder van trots over zoveel strijd en na een dik uur viel de 3-2. Den Bommel zette een tandje bij, verdediger Leon Breeman werd door trainer Henk Schouten naar voor gedirigeerd, maar Mick Loendersloot hield het met zijn medeverdedigers achterin gesloten. En toen viel vlak voor de tijd de alles verlossende 4-2. Mike Kortsmit nam een corner van Stef Oppong ineens op de pantoffel en de bal verdween snoeihard onder de lat in het doel. Het was een goal die we zelfs in de Champions League niet zien en iedereen dook op de doelpuntenmaker. Mick Loendersloot gillend van vreugde als laatste. SC Botlek – Den Bommel was een heerlijk potje voetbal waarnaar ik 90 minuten lang gefascineerd heb staan kijken. Ik heb genoten van de Bakkertjes van de bezoekers, ik heb genoten van hun trainer Henk Schouten die waarderend was over de fraaie 4-2, maar minder te spreken was over de tweede helft van zijn manschappen, ik heb genoten van Jorn Berkelaar, van Kevin Michilsen en Xavier Demmendaal. En het meest van al heb ik genoten van Mick Loendersloot, die niet eens zijn beste wedstrijd van zijn carrière speelde. Maar o, wat was hij belangrijk voor de ploeg.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 28 november 2018
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: KEVIN MICHILSEN (SC BOTLEK)

Ze misten bij SC Botlek nogal wat basisspelers zaterdag tegen Rozenburg. Er waren 5 spelers geschorst, Quincy de Lobel was geblesseerd en John Ackon was een weekendje weg. Eén van de geschorsten was aanvoerder Mick Loendersloot, zodat trainer Arjan Vuik genoodzaakt was iemand anders aan te wijzen die met een band om de arm het veld zou opgaan. Het werd Kevin Michilsen en dat was een juiste keus want die aanvoerdersband stond hem geweldig.

SC Botlek speelde in Rozenburg in het donkerblauwe uittenue en Kevin was een van de 2 centrale verdedigers, maar wel degene die het verst naar achteren stond. Hij speelde in feite een metertje achter zijn defensie, soms zelfs iets meer. Hij was een soort ouderwetse Ausputzer. Om zijn linker bovenarm droeg hij de aanvoerdersband, een breed en wit exemplaar dat heel mooi afstak bij het blauw van zijn shirt. Kevin heeft last van een beginnende kaalheid en heeft een paar weken geleden zijn resterend hoofdhaar gemillimeterd. Vanaf een afstandje lijkt het zelfs alsof hij een kaal geschoren kop heeft. Hij is aan de forse kant, weegt voor een voetballer eigenlijk een paar kilootjes te veel, maar zoals hij er zaterdag op Sportpark West in Rozenburg bijliep, was dat allemaal geen enkel probleem. Door al die zaken leek het nu alsof Fabio Cannavaro in het hart van de defensie van SC Botlek aan het voetballen was. Hetzelfde forse postuur. Dezelfde kale kop. Spelend op dezelfde plek op het veld. En ook een zelfde witte aanvoerdersband om de linker bovenarm van een blauw shirt. Geweldig mooi om te zien al die overeenkomsten.

 Kevin Michilsen is in alles natuurlijk een veel mindere voetballer dan Fabio Cannavaro, maar 90 minuten lang deed hij me wel denken aan de voormalige aanvoerder van het Italiaans elftal, die in 2006 wereldkampioen werd en datzelfde jaar tot beste voetballer van het jaar werd gekroond. Met zijn kale kop en zijn prachtig witte aanvoerdersband was Kevin de perfecte amateuruitvoering van Fabio. Met hetzelfde karakteristieke loopje zelfs, met de kont iets naar achteren. Kevin was zaterdag in alles een kopie van Cannavaro. Zoals hij liep, zoals hij wees, zoals hij er uitzag. In alles.

Voetballend was het allemaal niet zo heel goed wat hij liet zien, maar het kon wel degelijk door de beugel. Hij won hier en daar een duelletje, gaf waar nodig rugdekking aan zijn ploeggenoten die de gelegenheidsdefensie vormden en trapte wat balletjes terug op zijn doelman Patrick de Zoete. Opbouwend voegde hij weinig toe. Dat deed Fabio Cannavaro vroeger trouwens ook niet. Die stond zijn mannetje in de defensie en liet het aan zijn ploeggenoten over om creatieve oplossingen te bedenken. Dat is bij Kevin ook zo. Kevin Michilsen is een sobere, betrouwbare verdediger zonder franje. Hij schijnt ooit eens met een omhaal gescoord te hebben, maar volgens mij raakte hij de bal toen verkeerd. Hoe dan ook, zaterdag in en tegen Rozenburg deed hij me met zijn fantastisch mooie witte armband en zijn kale kop aan Fabio Cannavaro denken. Het maakte mijn dag meer dan goed.

Veel kon hij niet doen aan de uiteindelijke nederlaag. Rozenburgspeler Joris van Driel raakte na 5 minuten in de tweede helft een bal finaal verkeerd maar zette daarmee wel iedereen op het verkeerde been, doelman Patrick de Zoete incluis. Die dacht, net als alle andere aanwezigen dat het leer over zou gaan, maar de bal verdween door het rare effect na een hoge vlucht alsnog precies onder de lat in het doel. Het werd 2-0 door een fraai uitgespeelde goal van de verder onzichtbare Bryan van der Laan. Beide keren waren de gaten in de Botlekachterhoede te groot, maar om dat alleen op het conto van Kevin te schrijven gaat me net iets te ver. Ook een Fabio Cannavaro kan het allemaal niet alleen doen, toch?

Bij Botlek voetballen een paar jongens met een bijnaam. Linksback Patrick Klaris noemen ze Pielie, Kevin Elfering, de vleugelverdediger aan de andere kant wordt Ibi genoemd, omdat hij een beetje op een Marokkaan lijkt. Kevin heeft geen bijnaam. Ik stel voor dat ze hem bij SC Botlek voortaan Fabio gaan noemen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 21 maart 2018
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: JORN BERKELAAR (SC BOTLEK)

Een paar weken geleden liep een potje voetbal tussen Rockanje en SC Botlek uit de klauwen. De wedstrijd was in het kader van een toernooitje bij de vv Hellevoetsluis en ging helemaal nergens om. Toch werden spelers boos op elkaar en op de scheidsrechter. Het voortdurend gehakketak leidde ertoe dat er vroegtijdig afgefloten werd. Mopperend op elkaar zochten de spelers hun kleedkamers op. Zaterdag stonden beide ploegen weer tegen elkaar op het veld. In Spijkenisse ditmaal, voor de competitie. Zowel Botlek als Rockanje had de eerste twee competitiewedstrijden verloren. Beide ploegen hadden dus iets recht te zetten. Het oud zeer van een paar weken geleden plus de wil om eindelijk eens punten in de wacht te slepen; het leken leuke ingrediënten voor spektakel. Ik verwachtte dan ook een beladen en vinnige wedstrijd, maar dat viel alleszins mee en dat had er ook weer mee te maken dat de grootste mopperaars van toen er bij Rockanje ditmaal niet bij waren. Beide ploegen begonnen tam en pas na 10 minuten moest er voor het eerst een verzorger het veld op. Twan Brobbel van de bezoekers had een spons op zijn been nodig. Een wedstrijd werd het nooit. Dat kwam omdat het afgeroomde Rockanje voor rust onthutsend zwak speelde maar ook omdat er bij Botlek een jongen rondliep die in Hellevoetsluis nog ontbroken had, maar nu de aanjager was. Jorn Berkelaar heet hij en aan hem kleeft een bijzonder verhaal. Jorn heeft namelijk jarenlang niet gevoetbald. Hij is 27 jaar nu en speelde tot 4, 5 jaar geleden bij Spijkenisse. Vaste basisspeler was hij daar niet, maar hij heeft er menig wedstrijdje meegedaan. En niet verkeerd ook. Jorn kon het niveau redelijk tot goed aan. Hij vertrok 4 jaar geleden naar Brielle, om elke week basisspeler te zijn, vermoed ik. Zover kwam het niet. Aan de ene kant zaten telkens weer blessures hem in de weg, aan de andere kant had hij steeds minder zin om te voetballen. ‘Dan liep ik op donderdagavond tijdens de training in de regen en dan vroeg ik me af, wat doe ik hier’, zegt hij daar nu over. Jorn leverde zijn spullen in. Kort nadat hij bij Brielle gestopt was, hing Botlek aan de lijn: ‘Dan kom je toch lekker hier voetballen’. Jorn wimpelde de interesse af. Voetbal kwam zijn neus uit. Het kon hem gestolen worden. Bovendien had hij het veel te druk met zijn werk en met de kleine die er thuis inmiddels gekomen was. Drie jaar lang raakte hij geen voetbal meer aan. Hij onderhield zijn conditie niet. Hij ging niet naar de sportschool. Hij deed helemaal niks meer. Ja, af en toe sloeg hij een balletje op het tennisveld maar ook dan bewoog hij amper. Maar zie. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan. Het begon weer te kriebelen bij Jorn. Zijn maatjes Jordy de Winter, ‘Pielie’ Klaris en Jermaine van Pijkeren voetbalden bij Botlek en hij wilde het weer wel eens proberen. Maar rustig aan, want als je meer dan 3 jaar niets gedaan hebt, dan moet je helemaal opnieuw beginnen, wist hij. Gestaag werkte Jorn aan zijn conditie. Stapje voor stapje werd hij sterker. Hij deed steeds vaker en steeds langer aan trainingspotjes mee. De jongens waarmee hij op het veld stond waren al snel onder de indruk. ‘We hebben er een heel goede speler bij’, zo zeiden ze tegen elkaar. Zaterdag tegen Rockanje stond hij voor het eerst in de basis en de eerste 45 minuten speelde hij geweldig. Hij joeg op elke bal, was altijd daar waar het nodig was en zorgde er met zijn manier van spelen en met zijn coaching voor dat zijn medespelers de geest kregen. Rockanje werd onder de voet gelopen. Bij de rust stond het 5-0. Jorn scoorde zelf niet, maar hij was de grote animator. In de tweede helft was het minder, veel minder. Het knappe van Rockanje was dat ze er alsnog een wedstrijd van probeerden te maken. Ze bleven sportief en gingen op jacht naar de verdiende eretreffer, die er bijna kwam. Het was dat keeper Kevin Rijsdijk alert was, anders had Jeffrey Burger gescoord. Na een uurtje werd Jorn gewisseld en kreeg een terecht schouderklopje van zijn trainer Arjan Vuik. Hij is nog lang geen 100%, maar als Jorn straks helemaal fit is, hebben zijn medespelers gelijk. Die hebben er inderdaad een hele goede speler bijgekregen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 11 oktober 2017
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: SHURNEL RENÉ JEAN FRANÇOIS (SC BOTLEK)

Toen hij in de dug-out plaatsnam voelde reservespeler Patrick Monteiro iets in de zak van de Botlekjas die hij aan had. Het bleek een medicijndoosje te zijn. ‘Neusdruppels’, wist verzorger Joop Diepstraten. ‘Toco-Tholin. Daar gaat je neus van open.’ Hij stak het doosje in zijn zak en toen blies arbiter Hilgersom SC Botlek-Rozenburg, de topper in de derde klasse D in gang. Mijn blik was al een tiental minuten gericht op de schoenen die Shurnel François aan had. De linksbuiten van de thuisclub had kicksen aan die pijn aan je ogen deden: hard fluoriserende lichtgroene Nikes die als een paar felgekleurde sokken pasten om de voeten en tot boven de enkels reikten. Fonkelnieuw waren ze. Geen spatje vuil erop. Met die schoenen zou hij in een pikdonkere, wolkeloze nacht alle aandacht trekken en ook in het schuchtere zonlicht zaterdagmiddag kon ik mijn ogen er niet van afhouden. In de eerste helft raakte hij er geen knikker mee. Trainer Richard Koutstaal schreeuwde zijn keel schor om Shurnel in beweging te krijgen, maar die paradeerde op de linkerflank alsof hij zich op een catwalk bevond. Koutstaal is overigens de schoonvader van Shurnel. De linksbuiten heeft het aangelegd met diens dochter Jill, maar gezien het commentaar dat Richard had op hem die eerste 45 minuten, zou hij in staat geweest zijn de relatie van zijn dochter af te kappen. Shurnel kwam er niet aan te pas, de eerste helft. Zijn ploegmaten overigens ook niet. Het was al Rozenburg dat de klok sloeg. De lepe Nick de Bil verstuurde tweemaal een splijtende pass en dat betekende twee keer een doelpunt. Eerst rondde Floris van den Heuvel bekwaam af en een tiental minuten later werkte Jamal Abdalla een voorzet van diezelfde Van den Heuvel in eigen doel: 0-2 bij rust en nog dik verdiend ook. Ik gaf geen stuiver meer voor de thuisploeg. Maar in de tweede helft was alles anders. Het kan niet anders of Joop Diepstraten heeft het buisje neusdruppels leeggegooid in de thee die de Botlekspelers in de rust geserveerd kregen. Vanaf de aftrap gingen ze als de brandweer. Binnen no time stond het 2-2 en beide keren was Shurnel de doelpuntenmaker. De eerste maakte hij na een prima actie en de tweede was een strafschop, die hij zelf afgedwongen had door door te jagen op doelman Stephan van Asperen, die prompt de bal verspeelde en hem daarna even vasthield. De bevliegingen van Shurnel zetten de thuisploeg in vuur en vlam. Nu werd er wel afgejaagd en doorgedekt. Shurnel was de gehele tweede helft de grote roerganger van de thuisclub. Zijn nieuwe schoentjes deden wonderen. Hij zweefde ermee over het veld, speelde de defensie van Rozenburg aan gort en tilde zijn ploegmakkers mee naar een hoger niveau. Shurnel René Jean François. De Botleklinksbuiten heeft een heleboel voornamen. Daar kan er nog wel eentje bij: Sjakie. Omdat hij zaterdag wondersloffen aan had, sloffen waarmee hij in de tweede helft kon toveren. Of zou het dan toch dat buisje neusdruppels geweest zijn? Hoe dan ook, na 90 minuten stond er 4-2 op het scorebord en ook in die twee andere doelpunten had Shurnel een groot aandeel. Hij zette met een pass op maat John Ackon schuin voor de goal en die rondde koel af en vlak voor tijd trapte hij een hoekschop in de voeten van de aanstormende Kenny Lopes Cruz die van zeker 25 meter doeltreffend uithaalde. Er wordt gefluisterd dat Shurnel komend seizoen Richard Koutstaal volgt naar OSV in Oud-Beijerland. Lekker makkelijk meerijden met schoonpapa, want Shurnel heeft geen auto. Ik zou het niet doen, als ik hem was. Want wat heeft Shurnel te zoeken in de 4e klasse? Hij moet niet lager gaan voetballen. Met zijn kwaliteiten moet hij juist hogerop. En die schoenen moet hij voorlopig maar blijven dragen. En Joop Diepstraten moet voor de zekerheid zijn voorraad Toco-Tholin ook maar aanvullen….

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 15 maart 2017
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: QUINCY DE LOBEL (SC BOTLEK)

Als eerstejaars B-speler maakte hij op 19 februari 2014 onder de toenmalige trainer Rinus Schrijver zijn debuut in het eerste elftal van SC Botlek in een uitwedstrijd tegen Wieldrecht. We zijn nu een seizoen of drie verder en Quincy de Lobel is bij Botlek niet meer uit het elftal weg te denken. Ze hebben op sportpark De Brug met de inmiddels 18-jarige middenvelder een raspaardje in huis, een jongen gezegend met een flinke dosis talent. Ik heb hem in de afgelopen jaren vele goede wedstrijden zien voetballen en heb al veel eerder over hem willen schrijven; zaterdag, tijdens de inhaalwedstrijd tegen Rhoon is het er dan eindelijk van gekomen. Natuurlijk stond Quincy weer in de basis, met rugnummer 10 ditmaal en in een meer aanvallende rol dan normaal en ik verheugde me alweer op een glansrol van hem. Zover kwam het niet. Quincy was dramatisch slecht. Natuurlijk is het zo dat Quincy ook maar een mens is en een mindere dag kan en mag hebben. Net zoals Botlekkeeper Kevin Rijsdijk overigens, die over een heel seizoen gerekend minimaal acht punten voor de ploeg pakt maar er zaterdag bij beide treffers van Rhoon niet erg best uitzag. En dat is nog voorzichtig gesteld. Tweemaal ging de doelman gruwelijk in de fout en dat leverde twee tegendoelpunten op. Hij hielp daarmee de thuisploeg in het zadel en wellicht ook wel aan de overwinning, want de ploeg van Marco van Rijn was niet veel beter dan SC Botlek. Maar als Kevin dan eens in de fout gaat, moeten voetballers als Quincy de Lobel opstaan en de wedstrijd toch in hun voordeel doen kantelen. Dat gebeurde niet. Quincy gaf niet thuis. Hij speelde misschien wel zijn slechtste wedstrijd tot nu toe. Ik begin me trouwens wel een beetje zorgen over hem te maken, want hoewel hij de laatste paar weken scoorde, vind ik hem bij SC Botlek toch niet die rol spelen die hij met zijn kwaliteiten zou moeten hebben. Want in aanleg is Quincy de beste voetballer van de ploeg. Zijn prille leeftijd doet daar niks aan af. En dat hij met zijn schriel lichaampje fysiek niet in staat is als winnaar uit felle duels te komen, is ook geen punt. Helemaal niet zelfs. Een Quincy de Lobel is in goeden doen in staat die duels te ontlopen. Hij heeft een perfecte balbehandeling, een hele korte draaicirkel, is super beweeglijk en voordat hij aangespeeld wordt weet hij allang waar de bal heen moet. Hij snapt het spelletje en kan een wedstrijd lezen, om de woorden van Louis van Gaal eens te gebruiken. Hoe kan het dan dat hij niet helemaal uit de verf komt? Of helemaal niet, zoals afgelopen zaterdag tegen Rhoon? Dat heeft met zijn karakter te maken, vermoed ik. Quincy is een rustig ventje, treedt niet zo erg op de voorgrond. Hij is bescheiden, beleefd, voorkomend. Allemaal heel goede eigenschappen, maar als voetballer zou hij toch eens wat meer op zijn strepen mogen gaan staan. Verbaal meer aanwezig moeten zijn op het veld, dwingender zijn en de bal vaker opeisen. Als ik met zo’n voetballer zou mogen samen voetballen, zou ik me het schompes werken voor hem en elke bal bij hem inleveren omdat ik wist dat hij er meer leuke dingen mee kan doen dan ik. Dat doen niet alle Botlekvoetballers. Te vaak wordt hij nog overgeslagen en als dat het geval is, hoor je hem niet. ‘Hier die bal’, zou hij dan moeten roepen, want Quincy is een speler die je ook aan kunt spelen als hij in de dekking staat, zelfs als er twee man op zijn huid zitten. Juist dan zou hij aangespeeld moeten worden, want hij kan met een korte voetbeweging al zijn mandekkers op het verkeerde been zetten en als ploeg heb je dan meteen de ruimte. Het gebeurt te weinig bij SC Botlek. Veel te weinig. Dat mag je vooral Quincy zelf aanrekenen. Hij moet meer dwingend aanwezig zijn. ‘Hier die bal! Hier!’

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 26 oktober 2016
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: MIKE KORTSMIT (SC BOTLEK)

Zaterdag in Ouderkerk aan den IJssel heb ik voor het eerst in lange tijd Mike Kortsmit weer eens mogen bewonderen. In de laatste competitiewedstrijd van Botlek, uit bij Spirit, had de 28-jarige aanvaller uit Spijkenisse een basisplek. Dat was lang, heel lang geleden. Als hij er niet bij is doet me dat altijd een beetje verdriet, want Mike te zien lopen is een lust voor het oog. Ik ken geen speler met een vreemdere motoriek. Mike loopt over een grasveld alsof hij zich in het water bevindt. Alsof hij aan het aquajoggen is. Met zijn immer zwaaiende armen lijkt hij niet bestaande golven van zich af te duwen en de passen die hij al schommelend zet, bezorgen je ook nog eens een gevoel van zeeziekte. Komisch om te zien allemaal. Maar vergis je niet, Mike kan heus wel ballen. Zaterdag tegen Spirit was hij de beste van het veld. Spirit-Botlek was een heerlijke partij voetbal. Er ging heel veel mis, vooral in de defensies, maar omdat beide ploegen alleen maar gebaat waren bij 3 punten kon dat met die belangen haast niet anders. Het ging zaterdag nog ergens om in Ouderkerk. Spirit had bij winst een grote kans de derde periodetitel binnen te rijven en Botlek had de punten hard nodig om nacompetitie te ontlopen, maar zou dan nog afhankelijk blijven van de verrichtingen van Strijen en Lombardijen. Hoe zou dat gaan aflopen? Binnen 20 seconden stond de 1-0 al op het scorebord. De verdediging van de bezoekers zag de opgekomen Bjorn Zierts over het hoofd. Die trapte de bal voor en Mark van Dam kon ongehinderd binnentrappen. Botlek werd onder de voet gelopen, maar was desondanks met een paar uitbraken zelf ook heel gevaarlijk. Die ene keer bijvoorbeeld toen John Ackon op rechts aan de haal ging en voorzette op Mike Kortsmit, die als een duvel uit een doosje bij de tweede paal opgedoken was. De voorzet van Ackon was iets te scherp en Mike trapte de bal in het zijnet. Een paar minuten later was het wel 1-1. Alweer stond Mike op de juiste plek. Vanaf dat moment ontspon zich een heerlijke partij voetbal, die alle kanten op kon. Elke aanval leverde gevaar op en de meest waanzinnige taferelen waren te zien voor beide doelen. Neutrale toeschouwers kwamen volop aan hun trekken en dat er af en toe hevige flaters werden geslagen, mocht de pret niet drukken. Mijn pret in ieder geval niet. Spiritspeler Marc van der Zee hielp een grote kans om zeep door over te knallen, even later schoot diezelfde speler op de paal om in de 34e minuut scoorde dan toch te scoren. Knullig uitverdedigen van Jordy de Winter werd afgestraft met een fraaie volley in de winkelhaak. Kevin van Vliet en Bjorn Zierts waren dichtbij een derde Spiritgoal, maar het was Mike Kortsmit die Botlek alweer op gelijke hoogte bracht. Hij scoorde weliswaar niet zelf, maar zette met een fabelachtige steekbal John Ackon voor de goal en die prikte de bal binnen. In de tweede helft ging het op deze manier verder. Er werden grote kansen om zeep geholpen, Spirit kon zelfs niet scoren met slechts één verdediger op de doellijn en de keeper spartelend op de grond en toen zette Mike John Ackon alweer vrij voor de goal: 2-3. Daarna miste Eric Jansen nog een penalty namens de thuisploeg – je kunt ook zeggen dat Botlekkeeper Kevin Rijsdijk die strafschop keerde – en na nog wat hachelijke situaties voor beide doelen was het tegen half 5 plots afgelopen. SC Botlek was drie punten rijker, maar omdat zowel Strijen als Lombardijen elders punten pakten, werden de bezoekers alsnog veroordeeld tot de nacompetitie. Spirit greep naast de derde periodetitel. Heel sneu allemaal, maar ik heb een kostelijk middagje gehad, waarin veel te genieten viel. Het meest nog van Mike Kortsmit, de voetballer met de motoriek van een gewonde reiger, die een neusje heeft voor de juiste plek en het juiste moment. Mike scoorde de eerste treffer en zette met lepe steekballen meerdere keren de speersnelle John Ackon alleen voor keeper Bastiaan Haasnoot. John scoorde twee keer. Hij had het op aangeven van Mike vier keer kunnen doen. Zaterdag speelt Mike met zijn ploegmaten in en tegen Rozenburg. Ik ga er heen, speciaal voor hem.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 13 mei 2015
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: DAN BLOKLAND (SC BOTLEK)

Joop Diepstraten, Willem Heijdacker, Paul van Noort, Dennis van Looijen, Aad Beerens, Bert Goedendorp, Dick Kuikstra, Frans Dijkxhoorn, Leo van Duin, Theo van Son en nog een heleboel mannen meer. Ik kom graag bij SC Botlek. Niet eens vanwege het voetbal, want dat is met regelmaat van de klok niet om aan te zien. Niet voor niks heb ik jaren geleden, tijdens de rust van alweer een armzalig potje in de bestuurskamer gezegd dat de koffie bij Botlek beter is dan het voetbal. Ze konden er nog mee lachen ook. Nee, bij Botlek kun je altijd met iedereen ouwehoeren over van alles en nog wat, over voetbal vooral en het beste van al kun je dat doen met Dan Blokland, de man die iedereen kent en alles over iedereen weet. Dan is al sinds jaar en dag betrokken bij de selectie van de club die momenteel uitkomt in de tweede klasse. In naam is hij geen lid van de technische commissie, althans dat staat zo niet vermeld in de kaderlijst op de website van de club. Maar Dan heeft wel een grote vinger in de pap. Welke spelers er eventueel komen en welke trainer er voor de groep staat. Over hoe de cultuur van SC Botlek bewaard moet blijven: gewoon doen, geen kapsones en voetballen met zoveel mogelijk eigen jongens. In dat soort aangelegenheden heeft Dan een hele grote stem. Het netwerk van Dan Blokland is groot, heel groot. Hij kent iedereen en iedereen kent hem. En bij iedereen staat hij er goed op. Zo zegt Cor Lanser, ooit trainer bij Botlek, het volgende over hem: ‘Dan zorgde altijd voor eenheid binnen de club. Ik heb enkel goede ervaringen met hem. Dan is een toffe peer en als ik dat niet zou vinden, dan had ik hem dat trouwens allang gezegd.’ En Bert van der Lijn, ook al een ex-trainer van Botlek: ‘Terwijl op sommige momenten iedereen al lichtelijk in paniek was, zag Dan er altijd de humor nog wel van in. ‘Maak je niet druk, het komt wel goed joh’ was een gevleugelde uitspraak van hem. En dan regelde hij het en was alles weer in orde.’ En Peter Hoek, in het verleden ook al eens werkzaam bij Botlek: ‘Tussen de regels door regelt Dan alles. Als een trainer zich macho gedraagt of spelers slachtoffert is hij de eerste die daarvan iets zegt. Hij bewaakt de cultuur van de club, maar hij zal zich nooit met de opstelling bemoeien.’ Die positieve woorden moeten Dan goed doen. Zelf heeft hij desgevraagd ook het nodige over anderen te melden. Drop een naam bij hem en hij steekt van wal, regelmatig onderbroken door alweer een voorbijganger die hem begroetend op de schouders slaat en een praatje met hem begint. Het beste kun je met Dan kletsen ergens in een stil hoekje, waar niet zoveel mensen voorbij komen. Dan kun je met hem praten over de gesprekken die hij samen met secretaris Dennis van Looijen gevoerd heeft met trainers die azen op de vrijkomende positie voor de spelersgroep van Botlek, nu het contract met Rinus Schrijver na drie seizoenen niet verlengd gaat worden. En over de telefoongesprekken die hij met eventuele kandidaten gevoerd heeft. Dan kun je met hem babbelen over spelers en trainers van andere clubs en nieuwtjes met elkaar uitwisselen. Heerlijke gesprekken zijn dat en ik kijk er altijd naar uit. ‘Is Dan er niet’, is dan ook het eerste wat ik zeg wanneer ik hem niet meteen opmerk als ik weer eens een wedstrijdje van Botlek bezoek. Gelukkig is hij er altijd. SC Botlek is Dan Blokland en Dan Blokland is SC Botlek, hoewel hij vorige week zaterdag op sportpark De Brug een oefenwedstrijdje van het tweede elftal in een Spijkenisse-outfit floot. Dat hij kledij droeg van vv Spijkenisse, de club waar zijn jongste zoontje Bennie in de C-jeugd voetbalt, daarover had hij zelf nog de grootste lol. Maar we moeten daar verder helemaal niks achter zoeken. Dan Blokland bij een andere vereniging; dat kan helemaal niet.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 21 januari 2015
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: RINUS SCHRIJVER (SC BOTLEK)

Samen met zijn maatje Peter van Gestel trainde hij jarenlang samen clubs als Spaland, SCO’63 en IJVV De Zwervers. Peter gaf de trainingen en Rinus Schrijver, want over hem gaat dit verhaal, zette de pionnen op het veld. Alle gekheid op een stokje; Rinus zal wel iets meer gedaan hebben dan met pionnen sjouwen en na afloop de trainingsballen weer in een zak stoppen. In ieder geval genoeg om door SC Botlek opgemerkt te worden, toen die club een paar jaar geleden op zoek was naar een nieuwe trainer. Toen Rinus eenmaal een gesprek gevoerd had met de mensen die bij SC Botlek over de aanstelling van een nieuwe trainer beslissen, was het een uitgemaakte zaak: die vent moeten we hebben. Hij tekende een contract voor één jaar en zo werd in het seizoen 2012/2013 SC Botlek de club waar Rinus Schrijver als oefenmeester voor het eerst op eigen benen stond. Die benen zijn overigens aan de korte kant. Rinus is namelijk niet zo groot; eerder aan de kleine kant. Toen vorige week De Botlek, een regionale weekkrant gericht op Spijkenisse en omgeving een verhaal over hem plaatste, stond er een grote foto bij van Dan Blokland, een van de mensen die Rinus als trainer hadden aangesteld. Onder de foto stond het bijschrift: ‘ Rinus Schrijver wil met SC Botlek ook in het ‘moeilijke’ tweede jaar na de promotie weer lekker meedraaien in de tweede klasse.’ Rinus is flink gedold met ‘zijn’ foto bij het artikel. ‘Hij stond achter Dan’, is een van de grappen die sinds het plaatsen van het artikel de rondte deden. Of: ‘Ze hebben alleen de bovenkant van de foto afgedrukt.’ Zo kun je trouwens nog wel even doorgaan. Bij Botlek is nabij het hoofdveld onlangs een miniem trapveldje met kunstgras, compleet met kleine, ijzeren doeltjes aangelegd. ‘Een mooi veldje. Precies op maat voor Rinus’, zo zei ik zaterdag voorafgaande aan de bekerwedstrijd SC Botlek-VDL tegen een paar Botlekkers. Tegen Rinus zelf kon ik het niet zeggen, want die was er niet. Zat thuis na een kijkoperatie. Niks ernstigs, deze week is hij er weer. Maar dat is te laat voor mij. Dan staat mijn stukje al hier op VoetbalRotterdam. Jammer is dat, want ik was zaterdag speciaal voor hem gekomen. Om hem eens lekker te jennen met de foto in de krant bij het interview met hem waarin hij toch wel hoge verwachtingen uitspreekt over zijn clubje. Rinus kan dat pesten wel hebben, maar weet in eerste instantie toch niet altijd zeker of ik dan wel aan het dollen ben. Een beetje achterdochtig reageert hij dan soms, serieus van inslag zoals hij vaak is. Maar ik kan Rinus wel waarderen. Dat weet hij ook wel. Per slot van rekening was hij het die als trainer er in zijn eerste seizoen in slaagde SC Botlek kampioen te maken zodat het voor het eerst in de clubhistorie naar de tweede klasse promoveerde. En daar eindigde de ploeg een seizoen later op een fraaie 6e plaats. Dat zijn twee puike prestaties voor een beginnende trainer, toch? Maar Rinus moet niet overmoedig worden ‘We kunnen dit jaar, net als vorig seizoen, lekker meedraaien in de tweede klasse’, zo besluit hij het gesprek in weekblad De Botlek met verslaggever Cris Rolandus. Hoewel hij er genoeg kanttekeningen bij maakt en tevens aangeeft dat zijn spelers nog vooruitgang zullen moeten boeken, maakt dat woordje ‘lekker’ er een boude uitspraak van. Afgaande op het vertoonde spel in de voorbereiding en in de drie bekerontmoetingen tot nu toe, bakt Rinus’ ploegje er namelijk nog bitter weinig van. Er zit weinig samenhang in het elftal, maar dat is met een vijftal nieuwe spelers, een paar jongens nog op vakantie en een drietal geblesseerden nog wel begrijpelijk. Meer zorgelijk is het feit dat de techniek van een fiks aantal Botlekkers flink te wensen over laat. Balaannames zijn te vaak niet goed. Dan springt het leer van de voet. Er is veel te veel tijd nodig om de bal onder controle te krijgen, laat staan snel door te spelen. Wellicht doelde Rinus hier wel op, toen hij in weekblad De Botlek aangaf dat zijn spelers nog stappen moeten maken. Rinus heeft nog twee trainingen om een begin te maken met het zetten van die stappen. Zaterdag staat de eerste competitiewedstrijd op het programma, thuis tegen Oude Maas. Met het tot nu toe vertoonde spel, mogen ze bij SC Botlek die wedstrijd toch wel met enige zorg tegemoet zien. Een oplossing van het probleem ligt mogelijk in het eerder genoemde trapveldje, naast het hoofdveld. Dat kleine veldje is een uitkomst! Dat moet Rinus gaan gebruiken in zijn trainingen! Er iedere training een steeds wisselend gedeelte van zijn selectie partijtjes op laten spelen. Eerst 2 tegen 2, vervolgens 3 tegen 3, over een paar weken 4 tegen 4 en dan later in het seizoen met z’n allen een partijtje in de middencirkel van een normaal veld, net zoals FC Barcelona dat doet. De balbehandeling van de spelers van die club is perfect. Zo zal het bij SC Botlek nooit worden, dat weet ik ook wel. Maar als Rinus die oefenvorm een paar maanden volhoudt kan het eigenlijk niet anders of dat het trapveldje gaat uitkomst bieden. Dan kan de club na afloop van alweer een geslaagd seizoen er een passende naam aan geven: het Rinus Schrijver-veldje.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 3 september 2014
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: JORDY DE WINTER (SC BOTLEK)

Tegen Rinus Schrijver, zijn trainer, heb ik eens gezegd: ‘Als je hem niet opstelt als hij straks weer helemaal beter is, dan kom ik nooit meer kijken hier.’ Dat was in de voorbereiding op dit seizoen, de tijd dat Jordy de Winter net was teruggekeerd bij SC Botlek nadat hij voor de tweede keer geveld was door een vreselijke ziekte. Hoewel Rinus graag onafhankelijk is en een eigenwijze stukjesschrijver niet nodig heeft om zijn elftal samen te stellen, kon hij toen ook al weten dat hij niet om een fitte Jordy de Winter heen kan. Een gezonde Jordy de Winter is namelijk van toegevoegde waarde en zeer bruikbaar voor de ploeg die vorig seizoen van de derde naar de tweede klasse promoveerde. Dat moet de Botlektrainer toen zelf ook wel gezien hebben. Het einde van dat seizoen had Jordy overigens niet meer op het veld mee mogen maken. Zware medische ingrepen had hij ondergaan; voetballen stond maandenlang op het tweede plan, want de ziekte die hem ook al als junior in de Feyenoordopleiding had getroffen, was plots weer teruggekeerd. Dat was een drama voor Jordy, maar ook Botlek was in de aap gelogeerd, want Jordy was van onschatbare waarde. Maar zie: Jordy’s gedwongen afwezigheid bracht een soort onverzettelijkheid in de ploeg, alsof de spelers speciaal voor hun zieke ploeggenoot wilden knokken voor zo goed mogelijke resultaten. Dat deden ze op het veld op eenzelfde manier als Jordy thuis, die in zijn eentje moest knokken om zijn ziekte voor de tweede keer te overwinnen. Zonder Jordy draaide Botlek prima. De ploeg sloop stilletjes naar de top van de ranglijst van de derde klasse D. En toen stond eind april de uitwedstrijd tegen DBGC op het programma, op dat moment nog de enige andere titelkandidaat. Op krukken en met een enorme brace om zijn been woonde Jordy die allesbeslissende wedstrijd bij in Oude Tonge. Het werd 2-1 voor Botlek. Als een kind zo blij was Jordy toen hij zijn strijdmakkers zag zegevieren. Alles zag er rooskleurig uit. Botlek kampioen en ook Jordy was weer op de goede weg terug. Maar hij had nog een lange weg te gaan. Gelukkig vorderde het herstel gestaag en kreeg hij van zijn behandelend medisch specialist groen licht om in de voorbereiding weer aan te haken bij de selectie van SC Botlek. Eindelijk. Hier had Jordy zo lang naar uitgekeken. In zijn allereerste wedstrijd, een oefenpotje in het tweede van Botlek, kreeg hij een rode kaart…. Hij wilde zo graag weer voetballen, dat hij in zijn enthousiasme iets te ver ging. Lomp, maar wel begrijpelijk. Dat geintje kostte hem overigens 5 wedstrijden, dus Jordy moest nog langer wachten op een rentree in het eerste elftal. Dit alles is nu geschiedenis. Jordy staat weliswaar nog onder medische controle, maar is weer basisspeler bij SC Botlek. Hij dicht de gaatjes op het middenveld bij SC Botlek en probeert aanvallen van de tegenstander te ontregelen door er vol in te kletsen. Zaterdag, thuis tegen Neptunus Schiebroek was hij ook weer van de partij. Hij speelde niet de beste wedstrijd uit zijn carrière, leed behoorlijk veel balverlies, ook met zijn passing over tamelijk korte afstanden en hij zat er niet zo kort bovenop zoals we van hem gewend waren. Maar dat is goedbeschouwd toch wel logisch. Als je lichaam en geest zo’n knauw te verwerken heeft gekregen, duurt het lang voordat je helemaal de oude bent. En de oude, dat is Jordy nog niet voor de volle 100 procent. Hij is iets minder nadrukkelijk aanwezig dan dat ik van hem gewend ben. Drukt minder zijn stempel op een wedstrijd dan eerst. Krijgt ook meer schoppen omdat hij in zijn reactie nog niet zo alert is als voorheen. Maar het plezier is terug. Hij lacht in het veld en kan er zelfs om lachen als hij vergeten is zijn sokken in zijn voetbaltas te stoppen voordat hij naar sportpark De Brug gaat. ‘Ja, perfecte voorbereiding zo’, schatert hij wanneer ik hem daarop quasi bestraffend aanspreek. Ik heb een zwak voor Jordy. Het is een heerlijk ventje en een voetballer zoals ik graag zie. Als ik trainer was, zou ik hem altijd opstellen. Vandaar ook mijn opmerking tegen Rinus Schrijver. Het is voor hem te hopen dat de ziekte voorgoed uit zijn lichaam is verdwenen, maar ook voor mij, want dan kan ik nog lang van hem genieten. En dan doe ik niet moeilijk over een mindere wedstrijd zoals zaterdag tegen Neptunus Schiebroek. Trouwens, Jordy stapte met een 4-1 eindstand wel winnend van het veld af. Dan heb je toch helemaal niks te zeuren?

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 12 februari 2014
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: SEVKET KASAROGLU (SC BOTLEK)

Als jong ventje voetbalde hij in de F-jes bij SC Botlek en na omzwervingen langs Spijkenisse, Heerenveen en wederom Spijkenisse is hij sinds het begin van dit seizoen bij zijn oude club terug. Gedurende zijn tweede periode bij Spijkenisse heeft hij trouwens niet veel gevoetbald, misschien wel helemaal niet, omdat hij eerst moest herstellen van een zeer zware blessure. Nu hij hersteld is, is ook de lust er weer. De 21-jarige Sevket Kasaroglu wil weer voetballen en waar kan dat beter dan bij de club waar het allemaal begon? Van zijn oude club had hij alleen maar positieve verhalen gehoord en waarom zou hij daar de draad niet oppakken, zo dacht hij. Eind vorig seizoen bezocht hij een training. Er volgden gesprekken, met trainer Rinus Schrijver onder meer en niet lang daarna was het duidelijk: Sevket zou bij SC Botlek gaan voetballen, in de tweede klasse. Mensen die hem in de voorbereiding aan het werk zagen, waren al rap overtuigd van zijn kwaliteiten. ‘Bij Botlek hebben ze er een hele goede nieuwe voetballer bij. Een jongen met een baard, die geweldige dingen kan doen met een bal’, zo werd links er rechts langs de velden verteld. Ik had hem ook al bezig gezien, tegen Spijkenisse in een wedstrijdje om het plaatselijk kampioenschap en zijn optreden was van dien aard dat ik hem ook aan het werk wilde zien in een ‘echte’ wedstrijd, eentje om drie punten. Hij was dus de reden om afgelopen zaterdag SC Botlek-Rozenburg bij te wonen, zijn eerste competitiewedstrijd sinds een paar jaar. Dat bezoek is me goed bevallen. Zijn baard was eraf, maar zijn spel was hetzelfde gebleven. Sevket was alweer van toegevoegde waarde. Hij is zeer balvast, schroomt niet om zich het snot voor zijn ogen te werken, loopt ook op ballen waarvoor een andere voetballer misschien wel even inhoudt en heeft een puike traptechniek. Hij neemt alle corners en vrije trappen, legde tot tweemaal toe de bal vanaf rechts panklaar op de instormende spits Nasser Abdalla, die daardoor de 3-1 en de 4-1 kon scoren. En bij de 2-0 was hij ook al betrokken omdat hij doorjaagde op rechtsback Gerson Silva Almeida, die prompt de bal verspeelde. Sevket kon dus al bij al terugkijken op een bijzonder geslaagd middagje. Toch kun je zien dat Sevket een speciale is in het veld. Af en toe overdrijft hij namelijk met zijn kunsten. Dan haalt hij te vaak een balletje onder de voet terug of zoekt een te moeilijke oplossing terwijl het ook simpel kan, met balverlies als gevolg. En na een inspannende ren over het veld staat hij er bij alsof hij toch niet helemaal fit is. De armen grijpen dan naar de zij waar hij misschien wel steken voelt en op het gezicht verschijnt een pijnlijke grimas. Maar meteen daarna gaat hij weer als de brandweer. Dan snelt hij weer een verdediger voorbij die niet meer aan de bal kan komen en bouwt met zijn ploegmaten een nieuwe aanval op. Van trainer Rinus Schrijver heeft hij een aparte rol gekregen. Hij hoeft niet veel mee te verdedigen. Van die spelers heeft Botlek er al genoeg. Hij moet pingelen, acties maken, tussen de linies zwerven; alles doen wat maar rendement oplevert. Maar hij moet wel zijn momenten kiezen. Helemaal goed gaat dit nog niet altijd, zoals die ene vrije trap die hij opeist, net buiten de zestien van Rozenburg om luttele seconden daarna de bal over de kantine te schieten… Hij is door zijn trainer ook al een keer van de training weggestuurd, omdat hij die avond iets te eigenwijs was over de invulling van zijn rol. Maar hoe dan ook, één ding is zeker: bij SC Botlek hebben ze er een geweldige voetballer bij. Mede door zijn optreden was SC Botlek de hele wedstrijd de bovenliggende partij en werd Rozenburg helemaal aan gort gespeeld. Nasser Abdalla scoorde alle vier de doelpunten en werd twee dagen later in het Algemeen Dagblad tot man van de wedstrijd gebombardeerd. Dat zal best, maar dat kwam voornamelijk door Sevket Kasaroglu. Tegenstanders zijn gewaarschuwd: SC Botlek heeft een nieuw wapen in huis. Een onberekenbaar nieuw wapen.


Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 11 september 2013
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>



COLUMN JAN SCHOONEN: JOHN ACKON

Een beetje apart is hij wel in de omgang. Toen hij vorig seizoen zijn opwachting maakte als nieuwe speler van SC Botlek zijn er in het begin aardig wat wenkbrauwen gefronst. John Ackon bleek geen gezelschapsdier te zijn. Hij was het liefst op zichzelf en bij Botlek, waar de onderlinge samenhang hoog in het vaandel staat, was hij de eerste maanden toch wel een vreemde eend in de bijt. Hij sprak niet of nauwelijks als hij kwam trainen of spelen. Gesprekken met hem waren kort, erg kort. We zijn nu bijna twee seizoenen verder en John trekt iets minder vaak zijn eigen plan. Toch vertoont hij af en toe nog wel eens rare fratsen. Een paar weken geleden werd hij in de thuiswedstrijd tegen FC Vlotbrug door zijn trainer Rinus Schrijver na een uur gewisseld. Normaal loopt een gewisselde speler dan even bij zijn trainer langs, schudt links en rechts een paar handen en neemt vervolgens plaats in de dug-out. John deed dat niet. Hij sprong over het hek en beende linea recta naar de kleedkamer. En in elke wedstrijd, als de doorgewinterde John Lopes Cruz hem vanaf het middenveld toeschreeuwt het simpel te houden of hem anderszins aanstuurt, moppert hij al ras dat er niet zo gezeurd moet worden en draait zich dan om, in zijn wiek geschoten. Nee, John Ackon, de 26-jarige Ghanees van SC Botlek is niet snel tot een praatje te verleiden. Hij laat liever zijn voeten spreken. En dat doet hij met de regelmaat van de klok. John Ackon is één bonk spieren. Hij heeft een sprinterslichaam. Als hij er zich op zou toeleggen is hij ontegenzeglijk een bedreiging voor Churandy Martina, de nationaal recordhouder op de 100 meter. John is een fenomeen, een speler van onberekenbare klasse. Het hele team is er op ingesteld hem de diepte in te sturen en dat lukt bijzonder vaak. Met de regelmaat van de klok stoomt John dan met de bal aan de voet op richting vijandelijk doel, een vrij veld voor zich. Maar tot afgrijzen van alles en iedereen die SC Botlek een warm hart toedraagt, mist hij vaker dan hij scoort. Honderd procent kansen brengt hij om zeep door de bal richting cornervlag te knallen. Even later is hij ineens wel dodelijk in de afwerking. Je kunt er geen pijl op trekken. Dit seizoen had hij tot afgelopen zaterdag 17 keer gescoord; het hadden er 30 kunnen zijn. Zaterdagmiddag in Oude Tonge tegen DBGC, de enig overgebleven concurrent van SC Botlek voor de titel in de derde klasse D, had hij zeker vier doelpunten aan dat totaal kunnen toevoegen. Hij scoorde er twee. Vooral zijn eerste goal was van grote schoonheid. In de 25e minuut werd hij de diepte ingestuurd door collega-spits Nasser Abdalla. Hij kwam alleen voor keeper Marco de Koning die hij met een machtige lichaamsschijnbeweging kansloos op de grond achterliet. Beheerst schoof hij de bal in het doel. Het was een fabelachtig doelpunt, ijskoud gemaakt. Daarvoor en daarna miste hij opgelegde kansen en mede daardoor kwam DBGC terug in de wedstrijd, vooral nadat Nigel Wiltschut de gelijkmaker had gemaakt. Zo werd DBGC-SC Botlek een boeiende, meeslepende wedstrijd. De bezoekers, die gesteund werden door spelers van het 2e, 3e, 4e en 7e elftal en een massa ander volk uit Spijkenisse, waaronder de ex-trainers Cor Lanser, Peter Romeijn en Theo van Zoest, kregen het steeds moeilijker tegen de thuisploeg, die knokte voor zijn laatste kampioenskans. Vroeg in de tweede helft werd John alweer de diepte ingestuurd. Hij faalde hopeloos door de bal tegen De Koning aan te schieten. Toch was het John Ackon die 10 minuten voor tijd aan alle twijfels een einde maakte. Alweer werd hij de vrije ruimte ingestuurd, nu door Maldini Maris Cruz. Op de bank ging iedereen staan. Zou John nu wel doeltreffend afronden? Dat deed hij. Simpel en koeltjes passeerde hij keeper De Koning. Later had hij nog de 1-3 kunnen maken maar nu werd hij er uit gelopen door de doelman die net even eerder bij de bal was. Het werd hem niet aangerekend. Boos op John Ackon is niemand bij SC Botlek. Ze hebben hem genomen zoals hij is en prijzen hem om zijn inzet en zijn doelpunten. Dat hij massa’s kansen onbenut laat, verwijten ze hem niet. John Ackon is het wapen van Botlek en daar is ploegtactiek op afgestemd. Zo is Botlek kampioen geworden. Wie denkt dat John niet aan de festiviteiten na afloop meedeed, heeft het mis. Hij stortte zich wel degelijk in het feestgedruis en was in het tumult nog even zijn medaille kwijt die hij van bondsvoorzitter Sjaak van de Kroon had ontvangen. Gelukkig werd het eremetaal een minuut of tien later weer teruggevonden. John Ackon is een formidabele spits met een gebruiksaanwijzing. Maar hebben bijzondere spelers niet allemaal een gebruiksaanwijzing? Ja toch?

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 1 mei 2013
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 



COLUMN JAN SCHOONEN: GLENN MEELES

Tot en met de B1 doorliep hij de jeugdopleiding bij Feyenoord, maar lichamelijk ongemak stond een verdere ontbolstering van zijn talent in de weg. Hij zocht zijn heil bij Hekelingen en in juli 2010 maakte hij samen met Dylan van Gelder, Dave Leurs en Nardi Ilic de overstap naar SC Botlek. We zijn nu dik vier jaar verder en telkens als ik Botlek aan het werk zie, is hij de eerste speler waar mijn oog op valt. Vanwege zijn voetbalvaardigheden, maar zeker ook door zijn fysieke eigenschappen. Ik heb het over Glenn Meeles, die namelijk als twee druppels water lijkt op Theo Janssen van Vitesse en laat Janssen nu net de speler zijn die ik in het Nederlandse profvoetbal het meest bewonder. Glenn staat ook op de linkshalfpositie, heeft dezelfde enigszins schuifelende loop, hetzelfde opgeschoren kapsel uit de jaren veertig, dezelfde neiging tot corpulentie en net als Theo zit hij onder de tatoeages, alleen niet op zijn armen doch op de borst. Glenn heeft er naast een aantal tekeningen ook een Engelstalig verhaal laten graveren, zo is me verteld. Het zou me niet verbazen als het een Engelse ode is aan Theo. Hoewel Glenn in aanleg beslist aardig kan voetballen, anders was hij nooit op Varkenoord toegelaten, zijn ze in de jeugd bij Feyenoord toch één ding vergeten: hem leren trappen met zijn linkerbeen. Hadden ze dat wel gedaan, dan zou Glenn nu nog meer op mijn grote held Theo lijken. Theo is echter stijf links en Glenn gebruikt zijn linkerbeen alleen maar om overeind te blijven. Een bal beroert hij hoogstzelden met dat been en dat is verdomd jammer. Anders kon je voor nul euro toch elke zaterdag een Theo Janssenkloon aan het werk zien. Maar ja, dan zouden hier alleen maar verhaaltjes staan over Botlekvoetballers en dat is nou ook weer niet de bedoeling. Niettemin zie ik Glenn graag voetballen. Zaterdag zag ik hem weer eens aan het werk en dat was best wel lang geleden. De eerste helft van het seizoen kon Glenn vanwege zijn drukke werk namelijk niet altijd trainen en dat kostte hem, tot zijn grote spijt, zijn plek in de basis. Maar tegenwoordig hoeft hij ’s avonds bijna nooit meer op pad voor zijn baan, mist geen training meer en is vastbesloten zijn plek te heroveren. Zaterdag tegen SNS maakte hij dus weer zijn opwachting in het eerste elftal, ook al omdat Maldini Maris Cruz, Jordy de Winter en Nasser Abdallla niet konden spelen. Dat deed hij niet verkeerd. Glenn was vaak aan de bal en deed er bijna altijd iets goeds mee. Met zijn rechterbeen deed hij wat Theo met links doet: passes versturen. In het wedstrijdverslag op VoetbalRotterdam stond dat hij tegen de lat schoot, maar dat schot was niet van hem. Het was Ralph van der Meer die de bal op de lat lepelde. Botlek, dat bij rust met 1-0 voor stond door een doelpunt van Reginald Steba deed het in de tweede helft anders. Werd er in de eerste 45 minuten een beetje als een kip zonder kop aangevallen en kreeg ook Glenn geen lijn in het spel, na rust speelden de mannen van trainer Rinus Schrijver met meer overleg. Het balletje werd in de ploeg gehouden, vaker achterin rondgespeeld, de vrijstaande man werd steeds gevonden en er werd nu wel met een idee ten aanval getrokken. Glenn, die in de eerste helft zeker niet slecht speelde , kwam toen nog meer uit de verf. Strooide alweer met passes en bovendien dook hij regelmatig gevaarlijk op voor het vijandelijk doel. Zo zette hij diep in de tweede helft zijn hoofd tegen een voorzet van rechts en dat had een doelpunt moeten zijn. Maar het leer belandde in het zijnet. Het werd uiteindelijk door twee goals van John Ackon alsnog een probleemloze 3-0 overwinning voor Glenn en zijn makkers, hoewel aan de 2-0 een verdacht luchtje zat. Glenn Meeles zal moeten knokken voor zijn plekje in het elftal. Trainer Rinus Schrijver heeft namelijk keus genoeg. Het is voor Glenn te hopen dat zijn trainer ook een fan van Theo Janssen is, maar als ik Glenn was zou ik toch maar flink gaan oefenen op passen met het linkerbeen. Het zal zijn kans op een onomstreden basisplaats alleen maar doen toenemen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 6 februari 2013
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 



COLUMN JAN SCHOONEN: RALF VAN DER MEER

Hij is een heel andere voetballer dan zijn vader Cor. Die was 30, 35 jaar geleden bij Spijkenisse een robuuste voorstopper met Nico Hokke of Aren Buvens als laatste man achter hem. Die club speelde toen nog in de wijk Schiekamp en Cor was daar als een soort Theo Laseroms jarenlang een onbetwiste basisspeler. Een voetballer dus die er altijd stond en er vanaf minuut 1 niets en niemand ontziend onvervaard in kletste. De bal veroveren was zijn doel en daar zat wel eens een been van een tegenstander tussen. Maar gemeen was Cor niet. Gele kaarten pakte hij dan ook zelden of nooit en al zeker niet voor praten in het veld. Goedbeschouwd was Cor van der Meer een stille werker. Een rustige vent, buiten het veld en ook er in. Maar hij stond er altijd. Zijn zoon Ralf is 22 jaar oud en voetbalt bij SC Botlek. Daar heeft hij geen basisplaats. Dat is verschil één. Als voetballer Is hij totaal anders dan zijn pa. Ralf is namelijk een technisch balvaardige middenvelder, hoewel ik hem bij Botlek ook wel eens als verdediger heb zien acteren. Maar het liefst zie ik Ralf op het middenveld in de weer, in een aanvallende rol. Ralf is frivool en creatief, hij ziet het spelletje en kan dat vaak nog brengen ook. Dat is verschil 2. Met deze kwalificaties zou je verwachten dat een trainer hem altijd op zou stellen, en veel volgers van Botlek zouden dat ook graag zien, maar dat is niet het geval. Er is namelijk ook nog een derde verschil met pa: Ralf is een wandelend vaatje buskruit. Anders dan zijn vader reageert hij in woord en gebaar nogal eens op scheidsrechters en op tegenstanders, hoewel hij de laatste tijd wel iets rustiger is geworden. Zijn reacties in het veld hebben hem al menig kaartje opgeleverd. Daarmee berokkent hij zichzelf schade, maar doet ook zijn team te kort. Aan een Ralf die moppert en zich op die manier uit de wedstrijd lult heb je namelijk niet veel. Dus zit Ralf als reservespeler nogal eens op de bank, zoals ook afgelopen zaterdag toen SC Botlek aan de andere kant van de Spijkenisser brug de strijd aanbond met medekoploper Rijnmond Hoogvliet Sport. Zijn vader kwam net na de rust aan hem vragen of hij die middag nog minuten zou gaan maken. ‘Ik denk dat ik helemaal niet speel vandaag’ had Ralf geantwoord, want zijn trainer Rinus Schrijver had kort daarvoor de geblesseerde doelman Patrick de Zoete ingeruild voor Leroy van Oosten en ook Maldini Maris Cruz, die te laat op was komen dagen, zou nog invallen, want die was zich al aan het warmlopen. Op dat moment stond het 1-1 door fraaie doelpunten van Lesley Bax en Reginald Steba. Die twee goals waren in de eerste helft de enige hoogtepunten van de partij. Hoewel de inzet van de 22 voetballers aandoenlijk was, was het spelpeil van een bedroevend niveau. Bij beide ploegen ging er veel mis. Het balverlies was groot en geslaagde acties waren er weinig. Ploegen die de derde klasse D aanvoeren zou je meer kwaliteit toedichten. Toch kon Ralf die middag zijn trainingspak alsnog uitdoen, want na een dik uur was de moegestreden Jordy de Winter aan vervanging toe. Aangezien de consequent leidende scheidsrechter Rutteman vanaf de eerste minuut telkens het spel onderbroken had wanneer een voetballer zijn mond opentrok, hield menigeen zijn hart vast. ‘Hou je rustig, Ralf. Houd vooral je mond’, werd hem vanaf de kant nog toegevoegd. Het ontlokte Ralf een grijnslach en dat kon ik wel waarderen. Zijn allereerste bal raakte hij totaal verkeerd. Hij wilde de wegsprintende Steba aanspelen, maar het leer verdween meters achter zijn ploegmaat over de zijlijn. Toch bleek het inbrengen van Ralf van der Meer uiteindelijk wel het verschil te maken. Hij was het die een beetje meer lijn bracht in het aanvalsspel van Botlek, dat gaandeweg de tweede helft de bovenliggende partij geworden was. Eerst stuurde hij John Ackon de diepte in, waardoor luttele seconden later Nasser Abdalla de 1-2 kon scoren en het derde doelpunt maakte Ralf zelf. Hij heeft zaterdag dus een goede beurt gemaakt en eens te meer bewezen dat hij wel degelijk van toegevoegde waarde is. Mopperen tegen tegenstanders of tegen de arbiter heb ik hem niet zien doen. Als hij dat nou eens altijd achterwege laat, kan het niet lang meer duren of hij wordt bij SC Botlek een onbetwiste basisspeler, net zoals zijn vader lang geleden bij Spijkenisse was. Ik hoop het van harte, want Ralf kan echt heel goed voetballen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 7 november 2012
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 



COLUMN JAN SCHOONEN: WILLEM HEIJDACKER

Het dagelijks bestuur van SC Botlek brengt beduidend minder gewicht in de schaal dan voor de zomervakantie. Letterlijk gesproken wel te verstaan. Secretaris Dennis van Looijen is namelijk 36 kilo afgevallen en voorzitter Willem Heydecker 22. Beiden konden wel wat kilootjes minder, want bij Botlek hebben ze er serieus over nagedacht om de toegangsdeur tot de bestuurskamer te verbreden. Willem kon er de laatste tijd maar net doorheen en het schijnt dat Dennis zelfs een keertje in de deuropening heeft vastgezeten. Hoe dan ook, beide heren besloten dat het zo niet verder kon. Ze wilden de club niet opzadelen met een ingrijpende verbouwing. Dus besloten ze het rigoureus aan te pakken en gingen aan de slag met het Cambridge Weight Plan, dat er samengevat op neer komt dat je zo weinig mogelijk koolhydraten eet en zoveel mogelijk eiwitten. Weken zijn ze bezig geweest met caloriearme soepen, shakes en repen. Het resultaat mag er zijn, hoewel Willems buikje nog steeds goed zichtbaar is en Dennis van plan is nog minstens tien kilo kwijt te spelen. Toch ken je beide heren niet meer terug. Als het hard waait, zullen ze zich vast moeten grijpen aan de omheining om het veld. Als je de heren complimenten geeft met hun geslaagd dieet, glimmen ze van trots. Het is dan ook een prestatie van formaat. Het getuigt van karakter, wilskracht, doorzettingsvermogen en vastberadenheid. Laat dat nu ook de eigenschappen waarmee een voetballer ver kan komen. Is het dan zo dat Dennis en Willem met hun doortastendheid een voorbeeld wilden geven aan een ingeslapen spelersgroep, een verzameling voetballers die niet vooruit te branden is en liever lui dan moe? Nee hoor, die karaktertrekken zitten bij de voetballers van SC Botlek wel snor. In de bekerontmoeting dinsdagavond op sportpark De Brug tegen de zondagploeg van WCR kwamen de Botlekkers in de eerste helft niet in het spel voor. De bedrijvige spits Nasser Abdalla had wat halve kansjes, maar hoewel de inzet aandoenlijk was, was de aansluiting niet in orde, het spel slordig en de laatste bal kwam niet aan. Het elftal hing nog een beetje als los zand aan elkaar. Dat geeft allemaal niks. Rinus Schrijver, de nieuwe trainer van SC Botlek is nog zoekende en als je twee weken voor het competitiebegin al helemaal klaar bent, krijg je misschien wel de neiging om achterover te gaan leunen en weinig meer uit te voeren met alle lichamelijke gevolgen van dien. In de rust moet Schrijver zijn manschappen op het hart gedrukt hebben voor een betere aanvulling te zorgen en secuurder te gaan spelen. Hij wisselde Mike Kortsmit voor John Ackon en plots liep het wel bij SC Botlek. De 0-2 achterstand werd ongedaan gemaakt en met een beetje geluk had de thuisploeg nog kunnen winnen ook. Willem Heijdacker zag het allemaal tevreden aan. Hij vertelde honderduit over zijn dieet, over bier, dan hij in een veel mindere hoeveelheid tot zich neemt en ondertussen hield hij zijn jongens in het veld nauwlettend in de gaten. Willem Heijdacker is een voorzitter naar mijn hart. Al vele, vele jaren is hij als kaderlid betrokken bij zijn cluppie en hoewel hij een paar jaar geleden van baan veranderd is en het op zijn werk ook heel erg druk heeft, is hij bij Botlek niet weg te denken. Botlek is zijn club en dat zal het blijven ook. Willem is ook een hartstochtelijke fan van zijn ploeg. Hij ziet zijn jongens altijd top presteren, ook als het een keertje niet veel soeps is, zoals die eerste helft dinsdagavond. Altijd ziet hij positieve punten. Ook een flink afgeslankte Willem Heijdacker staat dus als een blok achter zijn ploeg en dat kan ik wel waarderen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 22 augustus 2012
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 


COLUMN JAN SCHOONEN: DAVE LEURS

Of Dave Leurs van SC Botlek kinderen eet zoals de reus in het sprookje van Klein Duimpje; ik zou het niet weten. Maar als ik hem zie moet ik toch altijd aan dat verhaal denken. Dave is namelijk meer dan twee meter lang en al zijn zichtbare ledematen zijn zeer fors bemeten. Hij is een reus van een vent, zeker vergeleken met een ploeggenoot als ‘Bonkie’ Mariana. De reus in het sprookje had laarzen waarmee hij stappen van zeven mijl kon maken en die werden hem ontfutseld door Klein Duimpje toen hij in slaap gevallen was. Dave Leurs beweegt zich voort op de voetbalvelden zoals de reus die zijn zevenmijlslaarzen kwijt is geraakt: met minuscule pasjes, absoluut niet passend bij zijn robuust lichaam. Het is best wel een kolderiek gezicht. Maar Dave is geen kolderieke voetballer. Verre van dat. Met Dave Leurs valt op het veld niet te spotten. Hij is bloedfanatiek, kwijt zich serieus van zijn verdedigende taken en als de nood aan de man is, wordt hij door de technische staf van SC Botlek naar voor gedirigeerd om daar gevaar te stichten. Zo ook thuis tegen NBSVV, afgelopen zaterdag. De ploegen waren nog geen twee minuten bezig of de Nieuw-Beijerlanders hadden al gescoord. Vanaf dat moment was er nog maar één ploeg die de bal had: SC Botlek. De thuisploeg kreeg kans na kans, maar wist doelman Robin Barendrecht niet te verschalken. Totdat Dave het gepruts van zijn ploegmakkers voorin zat was en vanaf dertig meter de bal op zijn slof nam. Het kan ook vijfendertig meter geweest zijn. Het leer verdween mede gedragen door de wind in de linkerbovenhoek van het doel en het is dat er een net in hing, anders was de bal geland in de Hoeksche Waard, op het veld van NBSVV. Oud-Botlektrainer Cor Lanser, een trouw bezoeker bij de thuiswedstrijden, slikte bijna zijn snor in. ‘Raakte die Dave de bal verkeerd of zo’, vroeg hij zich met een stalen gezicht af. Hoe dan ook, het was een goal zoals je zelden ziet. Vorig jaar had ik Dave uit bij Simonshaven ook eens van grote afstand vernietigend en doeltreffend zien uithalen, maar deze treffer was nog veel mooier. Het was een reusachtig doelpunt en het is daarom dat ik de reus van Botlek graag zie voetballen. Een Dave Leurs is tot alles in staat. Anderhalf jaar geleden kwam hij over van Hekelingen, waar hij in het tweede speelde. Bij SC Botlek is hij inmiddels onmisbaar. Met zijn 21 jaar hebben ze hem daar al aanvoerder gemaakt, maar soms verwachten ze nog te veel van hem. Op 29 oktober 2011 speelde Botlek een uitwedstrijd tegen OSV in Oud-Beijerland en daar liep het niet zo lekker met Dave. Vanaf de kant zat waarnemend trainer Theo van Son hem boven op de huid. Veelvuldig werd vanuit de dug-out commentaar gegeven tot groeiende ergernis van Dave. ‘Dan wissel je me maar’, riep hij op een gegeven ogenblik. Tja, een Dave Leurs is tot alles in staat. Theo aarzelde geen seconde en haalde de reus van het veld. Op dat moment stond het 0-0, maar uiteindelijk verloor Botlek wel met 1-0. Is Dave Leurs belangrijk of is hij niet belangrijk? De vraag stellen is hem beantwoorden, maar ik ben het met Theo eens: een voetballer moet wel zijn plaats weten. Zaterdag verloor SC Botlek ook. Dave stond nu wel 90 minuten op het veld, maar wist niet meer te scoren. Dat deed NBSVV wel. De lepe Danny Pelizzon prikte er vlak na rust nog eentje binnen en hoewel Botlek daarna nog genoeg uitgespeelde kansen kreeg, bleef een doelpunt van de thuisploeg uit. Mike Kortsmit miste zelfs een penalty. Dave Leurs kon niet lachen toen hij zaterdag tegen half vijf met afgemeten pasjes het veld afliep. Zoals het een aanvoerder betaamt gaf hij scheidsrechter Chris Markestein een hand, maar veel plezier viel er van zijn gezicht niet af te lezen. Honger zal hij ongetwijfeld wel hebben gekregen van alle geleverde inspanningen. Als hij ’s avonds maar niet een paar kinderen heeft opgegeten

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 25 januari 2012
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 


COLUMN JAN SCHOONEN: JUBERTIEN MARIANA

Een pocketvoetballer is hij. Gelukkig spelen ze bij SC Botlek hun thuiswedstrijden op egaal kunstgras, want op een oneffen veld zou het zo maar kunnen gebeuren dat Jubertien Mariana in een kuiltje tussen de grassprieten verdwijnt en voor een paar tellen totaal onzichtbaar is; zo klein is hij. Grof geschat meet hij ongeveer 160 centimeter, maar denk niet dat hij een spichtig, iel ventje is, dat je gemakkelijk aan de kant kunt zetten. Verre van dat. Jubertien is pezig en gespierd, sterk als een beer en met zijn korte beentjes kan hij verdomd hard rennen. Als er één voetballer is die aan de omschrijving ‘bonkig’ voldoet, maar dan in een mini-uitvoering, is hij het wel. Bonkie noemen ze hem dan ook bij Botlek en die bijnaam had hij al toen hij nog op Curaçao woonde en daar tegen een bal trapte. Jubertien is kennelijk altijd klein en pezig geweest. Voetballen op het Antilliaanse eiland deed hij trouwens zo goed dat zelfs het grote Feyenoord uit het verre Nederland hem in de smiezen kreeg. Bonkie verhuisde naar Nederland, maar spelen bij Feyenoord is er nooit van gekomen. Hij meldde zich aan bij PSV Poortugaal, maar ook daar heeft hij niet of nauwelijks gevoetbald. Bonkie speelde op pleintjes en in sporthal Drenkwaard in Zuidland en het was daar dat hij in contact kwam met Ranvin Noor, die destijds bij Botlek speelde. ‘Als je zo graag wil voetballen, kom dan eens mee naar de training bij Botlek, want dat is best een leuk cluppie’, zo raadde Noor Bonkie aan. Het had goed gekund dat ze hem bij Botlek wilden indelen bij de C-pupillen, de allereerste keer dat hij er zijn opwachting maakte, maar toen Bonkie eenmaal aan een partijtje van de selectie meedeed, was men al snel overtuigd van zijn kwaliteiten. Zo’n voetballertje hadden ze er graag bij op sportpark De Brug. We zijn inmiddels een jaar of drie verder en Bonkie is een alom gerespecteerde speler van SC Botlek, een speler bovendien die vaak van doorslaggevende betekenis is. Zaterdag in de laatste competitiewedstrijd thuis tegen Binnenmaas maakte hij twee bijna identieke doelpunten. Aangespeeld in de diepte stoof hij op doelman Erwin Fortuin af, werd door de verdedigers van Binnenmaas niet meer bijgehaald en deed twee keer het net bollen. Leuk voor Bonkie, maar hij had er voor rust eigenlijk vier moeten maken, want nog twee keer verscheen hij al spurtend alleen voor Fortuin, die toen wel kon pareren. Het missen van opgelegde kansen is het enige verwijt dat je Bonkie kunt maken, maar een kniesoor die daar op let. Er is namelijk een plausibele verklaring voor. Bonkie werkt op onregelmatige tijden en moet daarom nog wel eens een training overslaan. Het kost hem de scherpte en de conditie, noodzakelijk om nog doeltreffender te zijn dan hij zaterdag al was. Bij Botlek rouwt daar niemand om. Bonkie is zo al goed genoeg. Het mooiste moment zaterdag was toen verdediger Dave Leurs hem kwam feliciteren met zijn tweede doelpunt. Leurs is een enorm forse voetballer van bijna twee meter lang en even leek het alsof hij Bonkie met een paar schouderkloppen verpletterde. Het kleintje incasseerde de slagen met een stralende lach. Na een dik uur was het gedaan met Bonkie. Moegestreden nam hij plaats in de dug-out. Botlek – Binnenmaas was eigenlijk de wedstrijd van Patrick Hartman, de keeper van de thuisploeg die afscheid nam en door heel de club in het zonnetje werd gezet, maar ik heb het meest genoten van Bonkie, het kleine opdondertje, dat voor de duvel niet bang is.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 18 mei 2011
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 


COLUMN JAN SCHOONEN: JOOP DIEPSTRATEN

Kogelvangers uit het Noord-Brabantse Willemstad was, na vele verhuizingen, de club waarvoor hij het laatst speelde voordat hij bij SC Botlek terechtkwam. Bij die vereniging heeft hij eindelijk zijn thuis gevonden. Voetballen doet hij er niet meer, hoewel hij op donderdagavond op de training nog wel eens een balletje trapt. Toen hij eenmaal gestopt was als voetballer heeft hij bij de Spijkenisser derdeklasser van alles gedaan: bestuurslid, leider van het eerste elftal onder meer. Vanaf 2001 is hij verzorger en die functie is Joop Diepstraten op het lijf geschreven. Hij is vertrouwensman van de spelers, heeft een luisterend oor en mag meepraten als er weer eens een nieuwe trainer moet komen, zoals dit jaar. Maar voor alles is hij dus verzorger. Hij heeft de benodigde cursus zelf betaald, krijgt bij Botlek een vrijwilligersbijdrage en beweert hoofdschuddend dat verzorgers bij andere clubs soms wel 5000 euro per seizoen vangen. Joop hoeft dat geld niet. Gekscherend wordt gezegd dat hij bij Botlek per meter betaald wordt en dat vindt hij allang best. Hij is tevreden dat hij mee mag op trainingskamp, zoals een week geleden naar Doorwerth bij Arnhem, waar hij zich kostelijk heeft geamuseerd. En ’s zaterdags staat hij vrolijk met zijn waterzak langs de lijn. Het belangrijkste werk doet hij voor aanvang van een wedstrijd, in de kleedkamer, vertelt hij. Dan tapet hij enkels en gooit spelers los, zoals hij zelf zegt. Joop wrijft spieren warm, knakt hier en daar een vastzittend ruggetje en als de jongens naar het veld vertrekken, vult hij zijn waterzak, gooit er zijn spons in en zoekt een plekje nabij de dug-out. Die spons van Joop heeft een magische werking. Als er weer eens een voetballer ter aarde is gestort en als de scheidsrechter het teken geeft dat hij mag komen kijken, draaft hij het veld op, waterzak met spons met zich meezeulend. Draven is eigenlijk te veel gezegd, want zo snel is Joop niet. Het is meer hobbelen wat hij doet. Bij Kogelvangers moet hij een statische speler zijn geweest, zo iemand die 90 minuten lang op balletjes staat te wachten en waarvan het shirt na afloop nog in de vouwen zit en brandschoon is. Als Joop eindelijk bij de liggende Botlekker is aangekomen pakt hij zijn spons, wrijft er mee over de pijnlijke plek en altijd gebeurt er dan een wonder: de speler staat op en gaat even later weer als een speer over het veld. Eigenlijk vindt hij het lachwekkend, die voetballers die op de grond liggen. Spons er op en weg pijn; dan zal er wel niet veel aan de hand geweest zijn. Hij verdenkt zijn spelers er wel eens van dat ze hem expres op laten draven, het liefst op een plek zo ver mogelijk van de dug-out vandaan. Tegen Stellendam, afgelopen zaterdag, lijkt het daar verdacht veel op. Zesmaal moet hij het veld in, iedere keer helemaal aan de andere kant van het veld. Joop moet na afloop van de wedstrijd net zo moe zijn als de spelers, maar zich laten kennen doet hij niet, want verzorger zijn bij Botlek is zijn lust en zijn leven. Vlak voor tijd moet hij in Stellendam nog een keer het veld op, als Mico Milojevic op het gras blijft liggen, helemaal aan de overkant. De spons doet alweer wonderen. Als Joop zwaar ademend terugkeert bij de dug-out zegt hij met een quasi verongelijkt gezicht: ‘Het ergste is dat hij nog niks had ook.’ Hij moet er zelf om lachen.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 26 januari 2011
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>> 


COLUMN JAN SCHOONEN: PATRICK HARTMAN

Was het een overtreding? Jazeker wel. In de bekerwedstrijd SC Botlek-JHR tikte Patrick Hartman, de doelman van de thuisploeg, na een kleine 20 minuten de op hem af stormende JHR-aanvaller Indjomer Mathew aan en de penalty was terecht. Maar om Hartman met een rode kaart uit het veld te sturen was wel erg zwaar gestraft; zoveel geweld gebruikte de keeper niet om Mathew neer te halen. Toch haalde scheidsrechter Potuyt de rode kaart uit zijn broekzak en Patrick kon dus inrukken. Hartman is een gevoelige jongen. Ik heb hem vorig seizoen al eens bijna zien huilen van ellende en schaamte toen hij tegen Zuidland een paar doelpunten om zijn oren kreeg die een pupillenkeeper nog had voorkomen. Niettemin kan hij aardig keepen en tegen JHR was hij tot aan die twintigste minuut wel degelijk goed bezig. Hij had al een paar mooie reddingen op zijn naam staan en zat lekker in de wedstrijd. En toen kwam die overtreding. Balend als een stekker en hevig ontdaan liep hij in de druilerige regen het veld af. ‘Dat was weer een debiele actie van mij’, mopperde Patrick. Nou, dat viel wel mee. Hij had Mathew ook doormidden kunnen schoppen, maar hij raakte hem zeer licht en dat pleit in zijn voordeel. ‘Die jongen stortte ook wel erg theatraal ter aarde’, klaagde hij nog, maar andersom zou hij dat ook doen, denk ik. Zo zit het voetballen nu eenmaal in elkaar. Dan Blokland, lid van de technische commissie bij Botlek zei tegen Hartman dat het maar goed was dat hij van het veld gestuurd werd, want anders zou hij toch maar blunders gaan maken. ‘Dat is ook weer waar’, antwoordde Patrick en het eerste begin van een lach keerde terug op zijn gezicht. ‘Ben je aanvoerder, gebeurt je dit’, mopperde hij nog, maar toen ik hem vroeg of Matthew soms met diens voetbalschoen achter zijn aanvoerdersband was blijven steken en daarom viel, ging het wel weer met hem. De lach brak helemaal door. ‘Ik denk dat ik maar eens excuus ga aanbieden aan de trainer’ zei hij en weg was hij. Ondertussen was Patrick de Zoete opgetrommeld om bij Botlek de plaats onder de lat in te nemen en had Mathew de strafschop zelf in een doelpunt omgezet. De wedstrijd kabbelde zich voort. Veel klassenverschil was er in de eerste helft niet te zien, toch vreemd als je je bedenkt dat Botlek vorig seizoen nog een vierdeklasser was en JHR in de eerste klasse uitkwam. Roël Liefden, de trainer van JHR had in de rust zijn manschappen dat kennelijk onder de neus gewreven, want vanaf de aftrap werd er wel een tandje bijgezet. Het werd uiteindelijk 1-4; een normale uitslag, gezien het standsverschil. En Patrick Hartman? Die stond na rust achter het Botlekdoel aanwijzingen te geven aan zijn vervanger. In zak en as zat hij gelukkig niet meer. Hij zal wel een wedstrijdje moeten missen, misschien wel twee, maar het was goed te zien dat hij weer helemaal opgefleurd was.

Bron: VoetbalRotterdam.nl
Datum: 18 augustus 2010
Column op VoetbalRotterdam van Jan Schoonen. Gekopieerd en geplakt.
Originele link: >>>